Vorig jaar kreeg ik aan het einde van mijn vakantie een wijze les mee : ‘Denk gewoon aan vier dingen : je vliegtuigticket, je reispas, je gsm en je bankkaart. Al de rest is vervangbaar’. Maar dan komt nostalgische Josiane om de hoek loeren en vraagt : ‘Wat met de foto’s die ik steeds bij me heb? Wat met dat bloesje, gekocht op diè markt voor diè gelegenheid?’ Weg ermee, mensen die er werkelijk toe doen, daarvan behoef je geen foto; hun beeltenis zit gebeiteld in je geheugen met wrat of neushaar als detail helder duidelijk. En die bloes? Morgen is er een andere markt met zoveel andere bloezen. En om een gelegenheid zitten we nooit verlegen. Steeds meer vraag ik mij af wat ik zou missen, wat na selectie uiteindelijk op tafel zou blijven liggen. Ik, de hamster die aan elke prul een sentimentele waarde toedicht en niet kan lossen.  ‘Mevrouw, u moet leren lossen’, zei een leerling tegen mij. En dit is de tweede keer dat ik zijn uitspraak in een boek gebruik. Morgen even bellen met de uitgever in verband met auteursrechten. We kunnen onszelf niet nodeloos op kosten jagen. Heeft u begrepen dat na een bui van hysterie en het wegpinken van een traan, mijn valies mij geen reet kan schelen? Goed, dan kan ik nu overgaan tot wat ik u eigenlijk wou vertellen : de trompet en de valies. 

Gurkan en ik zijn uiteindelijk nooit vrijbuiters geworden, al hadden we het, dachten we toch, in onze genen. Toen we kozen voor een leven samen en for better and for worse, was de eerste zware beslissing die we moesten nemen : wordt het België of Turkije. Op dat ogenblik was mijn vader terminaal en we kozen om dicht bij hem te zijn, mijn moeder en mijn zus. Nadien opende manlief zijn eerste restaurant en werden er kinderen geboren. Geen tijd om een valies te maken laat staan om trompet te spelen. En niettegenstaande de wanhoopskreet van Gurkan, ‘fucking Belgium!’, werd steeds voor de rationele weg gekozen. Ik wou van in het begin net zo goed in Turkije leven. Maar ik moest het wel zelfstandig kunnen, niet afhankelijk van. In 1994 kreeg ik mijn kans : een job als leraar Engels aan de universiteit van Eskisehir, streepje onder de tweede s. Maar Gurkan had zijn oog laten vallen op een utopisch pand in de Oude Korenmarkt. Weg Turkije, de droom zou in Antwerpen waargemaakt worden. De droom evolueerde tot een nachtmerrie en het werd zwoegen om opnieuw van nul te kunnen beginnen. Job in het onderwijs. Zegen, doorn? Ik hou van mijn jongens in Nijlen die mij zoveel leren. Of moet het omgekeerd gebeuren in de klas? 

Maar nu ben ik moe, of had ik dat reeds gezegd. En Gurkan is moe terwijl hij toch plichtsbewust de volgende pot mercimek corbasi, streep onder de c van soep en geen punt op de i van diezelfde soep op het gasfornuis plaatst. Ik voel dat de tijd gekomen is om ergens onze trompet en valies neer te zetten. In deze Sarimsaklise straat waar ik rust en ergernis ervaar? In Hoboken waar ik geniet van de buurmanschap en mij erger aan de Belgische kneuterigheid? Geef mij de g van gasboete en u kan mij terugvinden in hogere regionen, zwevend boven Antwerpse daken om te bekoelen van de over regularisatie waar België onder lijdt. Mogen we nog even van buur tot buur, van stadsbewoner tot stadsbewoner onze geschillen uitpraten? In het beste geval heffen we na afloop het glas jenever om het compromis te bezegelen. Ik weet dat die tijd heeft bestaan. Er waren tijden dat mensen niet meteen naar de rechtbank stapten om de geluidsoverlast van een speeltuin aan te kaarten. In Turkije is het ambras van ’s ochtends tot ’s avonds maar mensen praten en lossen het al dan niet op. Hier wordt voor een burentwist over de vorm van de tussenhaag geen hogere instantie ingeroepen. En de raki staat reeds te koelen in de ijskast. 

We glijden af. Het ging om de trompet en de valies. Waar zullen wij ons gelukkig voelen? Misschien in een derde land waar we beiden als buitenlanders van nul moeten beginnen? Maar er is nu de toekomst van de kinderen om aan te denken. En er is het pensioen dat moet uitgebouwd worden. Er is de hypothecaire lening die nog loopt. Nee, we zijn geen vrijbuiters geworden. We hechten aan verplichtingen, aan aangegane engagementen. 

Dag trompet. Misschien is dat de reden waarom ik weemoedig word bij het aanhoren van Simons solo’s op trompet in Fanfaar Fatal.

Ga naar

Verhalen voor onderweg

Meld je aan voor onze nieuwsbrief