Lezen doe ik inderdaad onder deze gigantische boom die schaduw werpt en bescherming biedt aan iemand met een bang hart. Beide dienstverleningen kan ik gebruiken. Schrijven reserveer ik voor mijn balkon. Hoewel niet breed, biedt deze plek meer diepgang. Misschien moet ik vanavond uitwijken naar mijn keukentafel die om eerlijk te zijn een terrastafel is gecamoufleerd door een kleurrijke lap stof. Seker bayram is voorbij en de meute verlaat gehaast, druk toeterend deze badplaats. Ik mag nog een tijd blijven. Zij moeten morgen terug aan de slag. Een tikkeltje gekleurd en hopelijk met een ontspannen hart zullen zij zich opnieuw kwijten aan dagelijkse verplichtingen tot Kurban bayram opnieuw verpozing zal brengen. Waarom heeft arbeid zo’n impact op ons leven? Nee, ik zet hier geen boom op over onze prestatiemaatschappij. Ik had u een vijgenboom en lectuur beloofd. Toch nog even tussen de strofes door : weet u dat het verdomd moeilijk is te schrijven op de tast? Mijn balkon bevat geen licht, mijn keukentafel geen koele avondbries. Beeldt u zich even in wat ik iedere morgen terugvind in dit onbeduidend schriftje. Enig idee hoeveel tijd het mij kost om deze onleesbare nota’s te ontcijferen die ik op mijn tablet moet omtoveren tot voor de Red Star Line leesbare en bruikbare teksten. Nadya en Lien hebben handen vol werk met mijn schrijfsels; veel te lang voor het project, niet vergezeld van illustrerende foto’s, zoals afgesproken. Ik moet het anders vertellen. Ik ben een knoeier met tablet. Al deze hoog technologische speeltuigen maken mij crazy, nuts! Ik weet ook niet waarom dit nu weer in het Engels moet. Ben ik nostalgisch en of ontroert, komt al spoedig een Frans woord de tekst vervoegen. Woede of onkunde roepen de Engelse taal in mij op. Eenzaamheid doet mij dan weer Duitse woorden fluisteren. Deze drie nationaliteiten moeten hieruit zelf maar hun conclusies trekken.

We keren terug naar de vijgenboom en mijn vakantielectuur. In mijn handbagage zitten boeken, mild geschonken door André die dreigt  te moeten verhuizen wanneer hij alle boeken zou bewaren die hij ter recensie opgestuurd krijgt. Spreken we af dat ook André een hoofdstuk apart in deze reeks behoeft om u de onschatbare waarde van deze vriend duidelijk te maken. Ondertussen leun ik over mijn balkon om duidelijk te maken dat Sarimsakli verlaten ook kan zonder hysteriebuien.

En nu weet ik het niet meer. Zal ik u de boeken aanreiken volgens liefde voor, volgens genieten van? Ieder genot is een ander genot en valt niet in sterren weer te geven. De selectie van André verraadt één ding, deze kerel kent mij op enkele uitschuivers na. Maar ik gun hem het proberen. Kwaliteit eerst en dan afdalen naar oké en halverwege ongelezen gelaten? Ik denk dat ik u zal gidsen via mijn onvoorspelbare hand die lukraak grist tussen de uitgestalde boeken. De hand grijpt naar ‘De corrector’ van Ricardo Menéndez Salmon. Mijn hand maakt onmiddellijk een schitterende keuze. Genieten van de eerste letter tot de laatste. Madrid wordt opgeschrikt door een reeks bomaanslagen. En de corrector beleeft deze dagen van angst samen met zijn mijmeringen over zijn eigen aards bestaan. Wat een taal in simplese. Ik word klein bij zoveel talent maar ik geniet en droom van een wijntje met de Ricardo op welk terras dan ook. Boek opgeborgen want ook in Turkije wil ik een kast met pareltjes aantreffen bij mijn thuiskomst. Nu grijp ik naar ‘De macht’ van Ed Van Eeden. De macht grijpen in Antwerpen was vorige zomer het totaal uitgewerkte plan van Eren, Olivier en mij. De Cubaanse sigaren zijn we gaan kopen, verder hebben we onze plannen niet uitgewerkt. In het boek van Van Eeden wordt naar de macht gegrepen in Utrecht. Een politie thriller heet het te zijn. Wegglijden in spannende intriges kan ik smaken. De spanning bouwt op en de ‘who has done it’ verrast mij pas aan het einde van het boek. Maar ik ben niet weg van het boek en leg het met een hongergevoel opzij. Iedere Nederlands sprekende toerist die mijn Sarimsaklise verblijf voorbij wandelt mag het komen halen. Ik wil meer uit Andrés grot van Ali Baba halen.  Even het dunste boekje voorstellen? ‘Alle beroemde schrijvers drinken (behalve ik!)’ van Aag Vernelen. Wat wil André mij hier duidelijk maken? Heb ik geen talent om beroemd te worden of drink ik teveel? Op een halve dag had ik het uit. Dit boekje is ontroering alom. Boeken hoeven geen kilo’s te wegen om te ontroeren, origineel te zijn en een meisje neer te zetten dat je zonder veel inspanning ziet rondlopen in je eigen straat. Ik geef toe, aan het einde kwam er wel een zakdoek aan te pas maar het was een oprecht snotterdoekje. Dit is zeker geen goedkoop sentiment maar een oprecht diepmenselijk relaas. Bestemd voor kinderen vanaf 11 jaar. Prima voor mij. Laat elfjarigen het maar lezen op voorwaarde dat alle leeftijden die daarop volgen dit boekje niet ongemoeid zullen laten.                                                

Tijd voor weer wat anders. André heeft voor variatie gezorgd. ‘De castraat’ van Joyce Pool. Historische romans blijken deze dame uit Texel haar specialiteit te zijn. Ik bevind mij in het Italië van 1700 in de huid van een castraat. Ik leef mee met zijn frustratie en pijn en deel in zijn twee, drie, vier…strijd. Ik word even gecharmeerd door prins Ferdinando De’ Medici en zie in hem de oplossing voor mijn crowdfundingpagina die maar niet wil schuiven zoals het hoort. Waar zijn in 2014 nog mecenassen te vinden? Ik verraad niets want u ontdekt beter zelf hoe het Angelo vergaat. Joyce Pool is een verhalenvertelster die je weet mee te nemen. De taal is niet hoogvliegend maar meer dan correct. En hier geen resem zetfouten zoals in ‘De macht’ waarbij je je afvraagt hoe het er op sommige uitgeverijen aan toe gaat.

Goed, we zijn op dreef. Dit wordt een literaire hoogzomer. Alles wat André mij meegaf is de moeite waard, zij het telkens op een andere manier. Deze keer ontsluit mijn hand ‘Meer vrijages’ van Pia Fraus. ‘Dit is erotica die ook je denken prikkelt’, zegt het kaft. Who wants more.  Ik wil meegedreven worden in prikkelende lijf aan lijf ontmoetingen. Ik gebruik mijn fantasie, probeer het in alle details te zien, voelen, ruiken…maar bij de 96ste omschrijving van een nylonkous is bij mij van opwinding nog steeds geen sprake. De kans bestaat natuurlijk dat ik naast aan latex ook allergisch ben aan nylon en dat mijn lieve lijf mij verhoed voor levensbedreigende stimuli. Op bladzijde 65 is mijn geduld op en de andere 195 bladzijden zullen in de kast blijven klijven zonder ook maar enige lust op te wekken. 

Ik zoek mijn toeverlaat bij Harm Hendrik Ten Napel met ‘Ze vraagt : is dit je kamer’. De auteursnaam is ongewoon, de titel roept bij mij de nodige mogelijkheden op en de schrijver blijkt een student filosofie te zijn. Dit schept een band. Als leerkracht n.c.zedenleer is filosoferen mijn hoofdbezigheid geworden. Kussens schikken in de banaanvormige zetel en ik zet mij ontspannen schrap. Korte teksten, zeer korte teksten en ik zoek de pointes. Op bladzijde 48, dit is net niet in de helft, haak ik ook bij dit boek af. Het zal wel aan mij liggen. André wat doe je mij aan? We waren zo goed begonnen.

Er is nog ‘Zeven pogingen om een geliefde te wekken’ van Ineke Riem. Van Ineke verwacht ik dat zij mijn ochtend ritueel nieuw leven inblaast. Ineke heeft mij helaas niet geleerd hoe ik Gurkans ochtenden met meer originaliteit kan omringen, hoe ik op zijn gezicht op het moment wanneer de zon in zijn donker met grijs doorweven haar speelt, een blije blik van verbazing kan toveren. Maar ach wat een taal, ach wat een penseel! Ik zag, voelde ieder personage dat ter tonele werd gebracht. Lezer, dit boek moet in uw bibliotheek prijken. Doe het uzelf aan en doe het nu.

Vandaag ben ik 46 pagina’s verwijderd van het einde van ‘De dwalingen van ouders’ van Alessandro Perissinotto. ‘Wraak’ heb ik van hem reeds gelezen. En nu opnieuw ben ik verslingerd aan dit boek. Dit wordt ontegensprekelijk mijn vakantietopper. Vertellen, spanning houden, diepgang bieden en de juiste woorden op de juiste plaats zetten. Deze auteur kan het allemaal. En ik ben er hem erkentelijk voor. Lezer, loopt u a.u.b. voor een tweede maal naar de boekhandel. Antwerpenaren doen dat bij voorkeur in de Groene Waterman, deze eigenzinnige boekentempel die de steun verdient van iedere woordenliefhebber. Dit boek kost u dezelfde prijs als een bord mosselen. Mosselen zijn lekker maar snel verteerd. Aan u de keuze. Ik heb mijn keuze gemaakt. Deze nacht ga ik niet slapen vooraleer ik de laatste bladzijden van dit boek heb verorberd.

En nu valt de elektriciteit uit net nu er nog één boek op tafel ligt. Elektriciteitspannes gebeuren hier wel meer tijdens bayram. Deze badplaats kent haar aantrekkingskracht niet op dagen als deze en de plaatselijke overheden beschouwen het niet als hun taak de plaatselijke ondernemers te vrijwaren van schaamrood op de wangen. Met het lichtje van mijn gsm kan ik het laatste boek spotten.  ‘Bohr & Quantum Theory – The Big Idea’ van Paul Strathern. Vorig jaar heb ik een volledige vakantie geluisterd naar het pleidooi van Tayfun dat mij moest motiveren om quantum physics onder de knie te krijgen. In november vorig jaar heb ik mij dit boekje aangeschaft. Het was geen prijs, het is niet dik, de taal leek mij niet te moeilijk dus dat doet grenzen overschrijden. En nu ligt het hier als laatste boek voor deze zomer op tafel. Onaangeroerd zou ik niet zeggen. Ik heb er al aan geroken, ik heb reeds enkele pagina’s onder mijn duim weten glijden. Beiden handelingen brachten geen extreem allergische reacties teweeg. Dus het zal moeten deze keer. Een maand heb ik om mij dit meester te maken. Ik die liever wegzonk in de dromerige ogen van mijn leraar fysica dan een poging te doen het te vatten. Ik die liever luisterde naar de grappige imitaties die Luc, mijn buur tijdens deze lessen, weggaf van Urbanus in plaats van de wetten van de fysica te aanhoren. Ik die uitzicht had op de speelplaats waarop de jongen van mijn dromen rondjes liep. Het is nooit wat geworden met die jongen zoals het nooit wat werd tussen mij en fysica. Maar quantum ga ik na deze vakantie beheersen. In nieuwe werelden die mij via de quantum beloofd zijn, ben ik wel geïnteresseerd.

Eerst ga ik echter naar bed met Alessandro Perissinotto. Want dat Guido nog niet aan het einde van zijn latijn is, weet ik u nu al te zeggen.

Ga naar

Verhalen voor onderweg

Meld je aan voor onze nieuwsbrief