Eenmaal in Moulay Abdeslam aangekomen, moet ik een lang pad bewandelen, vooraleer ik bij de graftombe terechtkom. Een pad gevuld met kraampjes, waar gebedstapijtjes, geluksbrengers en amuletten verkocht worden. Naast al deze religieus getinte voorwerpen liggen dan weer luchtigere dingen zoals robothondjes, juwelenkistjes en namaakhorloges. Zo zijn de verkopers zeker dat iedereen met iets naar huis gaat, welke reden ze ook hadden om in de eerste plaats naar Moulay Abdeslam te komen.

Bij de graftombe krijg ik eerst een paar boze blikken toegeworpen, voor ik besef dat ik mijn schoenen hier moet uitdoen. Want net als in een moskee wordt hier gebeden, en dus moet het hier proper zijn. Water, planten en de woorden die de mensen uitspreken: hier zou alles gezegend zijn. ‘Wie zeven keer naar Moulay Abdeslam reist, het is alsof hij op bedevaart is gegaan naar Mekka’, hoor ik een oude man zeggen. Klinkt als een makkelijke manier om jezelf een reis naar Saoudi-Arabië te besparen.

Wanneer ik even later met mijn ouders en zusje het plaatselijke restaurant bezoek, blijkt de kok slechts twee dingen klaar te maken. Gegrilde sardienen en bissara, een Marokkaanse pap die meestal gemaakt wordt van erwten. In Moulay Abdeslam kregen we echter de bonen-versie. Aan tafel krijgen we gezelschap van een koe, die standvastig wacht tot het eten geserveerd wordt. ‘Ze is het gewoon om mee te eten met de mensen’, lacht de ober. Spiritualiteit, bonenpap en gezellige koeien: een unieke combinatie, enkel te vinden in Moulay Abdeslam.

 

Hanan is 22 jaar oud en studeert bijna af als communicatiewetenschapper. Deze zomer verblijft ze drie weken in Marokko, waar ze schrijft over de ervaring om als Marokkaanse Belg op vakantie te gaan naar het land waar haar ouders geboren zijn. Voor Gazet van Antwerpen houdt ze een reisblog bij. Haar zesde en laatste inzending: Moulay Abdeslam.

Ga naar

Verhalen voor onderweg

Meld je aan voor onze nieuwsbrief