De vangst wordt uit de netten in een grote bak geschud. Mijn moeder spartelt en slaat met haar staart tussen de zilveren buit. De vissers varen terug naar de haven en bieden de vis te koop aan. Een paar vrouwen staan op de kade te keuvelen; ze herkennen het geluid van het bootje. Een van hen koopt zes kilo goudbrasems:  ‘Panklaar alstublieft.’ ‘Ingewanden eruit, schubben en kop eraf?’ vraagt de visser.

Ga naar

Verhalen voor onderweg

Meld je aan voor onze nieuwsbrief